Skip to Content

'Brusselaars hebben geproefd aan schone lucht tijdens de coronalockdown'

Hilde Sabbe vraagt minister Maron naar het effect van de coronamaatregels op de luchtkwaliteit

Tijdens de coronalockdown waren er minder wagens op de weg en dus ook minder uitstoot van stikstofdioxide of dieselroet. Dat het een uitermate positief effect heeft gehad op de luchtkwaliteit blijkt uit antwoorden van minister Maron op vragen van Hilde Sabbe (one.brussels) in de commissie leefmilieu van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement. Er werden tot wel 75% minder stikstofoxides (NOx) gemeten in sommige meetstations. De mobiliteit veranderen heeft een direct effect op de luchtkwaliteit en de leefbaarheid van onze stad. 

Hilde Sabbe (one.brussels):

'Wat Brusselaars tijdens de coronalockdown hebben geproefd – of beter geroken – wordt door de cijfers duidelijk bevestigd. En hoe. Een vermindering van ongeveer 50% van de luchtemissies, zo blijkt uit de metingen. Dat is dus hoe veel schoner de lucht kan zijn met minder auto's op de weg. Dit gaat om levenskwaliteit, maar ook om gezondheid en levensverwachting van de Brusselaars. Doodzonde dat nu de lockdown op zijn einde loopt de Brusselse straten weer vol stromen met wagens.'

De evaluatie van de impact van de lockdownmaatregelen werd gebaseerd op de metingen in vijf meetstations: Kunst-Wet, Elsene, Sint-Jans-Molenbeek, Ukkel en Haren. Die resultaten werden vergeleken met metingen in normale weken van voor de coronalockdown. 

De verbetering van de luchtkwaliteit was het grootst op locaties die in gewone omstandigheden sterk blootgesteld worden aan verkeersemissies: de concentraties stikstofoxiden (NOx) zijn er gemiddeld met 75% gedaald en de concentraties van stikstofdioxide (NO2) met 50%. Op locaties die minder worden blootgesteld aan directe verkeersemissies is de verbetering van de luchtkwaliteit niet zo spectaculair, maar nog altijd significant: de concentraties van oxiden en stikstofdioxide daalden met 30 tot 40%. De fijnstofwaarden in de lucht lieten een vergelijkbare daling zien.

Door de ANPR-camera's (met automatisch nummerplaatherkenningssysteem), die worden gebruikt voor monitoring en voor de controle van de Lage emissiezone, werd data verzameld over het wegverkeer. Zo blijkt dat het aantal verplaatsingen met de auto met 56% en met bestelwagens met 44% is gedaald tijdens de lockdown. Dit zijn cijfers op basis van het verschil tussen de eerste week van maart (een ‘normale’ week) en de derde week van maart (de coronalockdown). De resultaten van de LEZ-camera's komen overeen met die verkregen door permanente tellingen in de tunnels van de kleine ring.

Met behulp van een computerprogramma dat de emissies van het wegvervoer berekent, concludeert minister Maron dat er een vermindering van ongeveer 50% van de luchtemissies was door het verminderde wegvervoer tijdens de coronalockdown.

Hilde Sabbe (one.brussels):

'Om de vervuilende uitstoot van giftige dampen en fijnstof te verminderen, zullen we onze mobiliteit moeten aanpassen. Dat blijkt nu wel uit deze metingen. Tijdens de lockdown hebben we kunnen oefenen. We hebben onze reisbehoeften verminderd en ingezet op duurzame alternatieven zoals wandelen en fietsen. Laten we er vanuit Brussel alles aan doen om (een deel) van die nieuwe vervoersmentaliteit en betere luchtkwaliteit te behouden.'

Niet te vergeten, naast uitstoot door gemotoriseerd verkeer zijn er ook andere bronnen van luchtvervuiling, zoals de uitstoot van verwarming in huizen en kantoren. In normale omstandigheden is ongeveer ¼de van de NOx-pollutie (stikstofoxides) te wijten aan verwarming. Dat cijfer daalde tijdens de lockdown van 24% naar 20%, maar dat had alles te maken met het zachte weer.

Over one.brussels