Skip to Content
Voor elke Brusselse ambtenaar een taalopleiding

Voor elke Brusselse ambtenaar een taalopleiding

Taalrapport en actualiteit tonen dat er nog steeds te weinig Nederlands gesproken wordt bij de Brusselse overheid. Fouad Ahidar (one.brussels) ondervroeg minister Bernard Clerfayt (DéFi) die vooral met de vinger wijst naar het gebrekkige talenonderwijs in de Franstalige scholen.  Fouad Ahidar wil naast beter talenonderwijs een masterplan voor meer taalopleidingen op de werkvloer. Dat is goed voor de dienstverlening en voor de jobkansen van de werknemers.

Fouad Ahidar ondervroeg minister Clerfayt in het Brussels parlement over het taalrapport van de vice-gouverneur. Daaruit bleek dat meer dan de helft van de aanwervingen en bevorderingen bij de gemeenten en OCMW’s niet in orde zijn met de taalwet (taalattest Nederlands of Frans ontbreekt).

Fouad Ahidar:

"Het is een oud zeer. In de gemeenten en ocmw's moet bijna elke ambtenaar tweetalig zijn. In het gewest geldt de tweetaligheid van de dienst. Maar in de praktijk zien we jaar na jaar dezelfde problemen opduiken. Dat gaat van onschuldige taalfouten tot Brusselaars die belangrijke medische vragen niet begrijpen in het vaccinatiecentrum omdat er enkel Franstaligen aanwezig zijn. Brussel is tweetalig. Zeker wanneer mensen het meest kwetsbaar zijn - in een ziekenhuis of bij de politie bijvoorbeeld - moeten ze in hun eigen taal terecht kunnen."

Minister Clerfayt (DéFi) wees op de gebrekkige taalvaardigheden in het onderwijs. Hij wil dat de gemeenschappen meer uren Nederlands en Engels organiseren in de scholen. Fouad Ahidar is het daarmee eens:

"In het Franstalig onderwijs in Brussel studeert minder dan 10% af met een deftige kennis van het Nederlands. Dan moeten we niet verbaasd zijn als er later te weinig tweetaligen zijn voor de overheidsjobs. Ook in het Nederlandstalig onderwijs gaat de kennis van het Frans trouwens achteruit."

Clerfayt somde op vraag van Fouad Ahidar ook de verschillende taalinitiatieven op bij de Brusselse overheden. De Gewestelijke School voor Openbaar Bestuur (GSOB) biedt taalcursussen aan. Er bestaan taalpremies, taalhoffelijkheidstrainingen, er is een taalapp, en het Huis van het Nederlands staat ook lokale besturen bij in hun taalbeleid. 

Er gebeurt dus al veel maar het blijft onduidelijk hoeveel ambtenaren daarmee echt bereikt worden. Voor Fouad Ahidar mag het meer zijn:

In 2019 stuurden 55 ambtenaren een taalbewijs Nederlands of Frans na naar de vice-gouverneur om alsnog in orde te zijn met de taalwet. Dat is te weinig als je weet dat in 2019 alleen al 1829 personeelsbeslissingen het juiste taalattest ontbraken. Nu is het een vicieuze cirkel. De Brusselse overheden zeggen dat ze niet voldoende Nederlandstaligen vinden. Nederlandstaligen blijven slechter bediend worden omdat er te weinig Nederlandskundigen werken. Er is meestal geen kwade wil in het spel maar  we moeten die cirkel doorbreken. Door taalopleidingen op de werkvloer. Dat is goed voor de tweetalige dienstverlening maar ook voor het verdere potentieel van die personeelsleden op de arbeidsmarkt. Er is een masterplan nodig dat elke Brusselse ambtenaar aanmoedigt en waar nodig verplicht een taalcursus van de andere landstaal te volgen.

Dat aanbod moet voor one.brussels trouwens ook uitgebreid worden naar andere Brusselse talen:

We willen geen Brussel als een toren van Babel maar een stad waar we elkaar begrijpen op school, op straat, aan het loket en in het ziekenhuis.

 

 

 

Contacteer ons
Over one.brussels